We keken toe hoe het water zakte, en zo ebde ook de tijd,
we zagen geen obstakels, de toekomst was voor jou en mij,
nu de duisternis het zand koelt, liefde wordt verdriet in mij,
voel ik je hand nog in mijn hand, voor nu, voor eeuwigheid.
Niet de zon, maar je kus, brandt zacht op mijn lippen,
ik sluit mijn ogen voor de wereld, hoor nog je lieve lach,
nog even met je dromen, hoe alles kon vandaag de dag,
maar de zee ruist in de verte en ik voel je mij ontglippen.
Niets houdt ons eeuwig samen, al is de liefde groot,
onze toekomst, onze dromen verwaaien met het zand,
ik neem afscheid, alles verdwijnt in het avondrood.
Van een dicht-bij-mij werd je een gewone passant,
na eb kwam weer de vloed, wat voel ik mij een idioot,
liefde is geen eeuwigheid, het is een misverstand.
Posts tonen met het label sonnet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label sonnet. Alle posts tonen
zaterdag 28 februari 2015
woensdag 11 december 2013
Na de feestdagen (sonnet)
Nog voor de winter echt begint,
willen we hem al reeds vergeten,
door kleur en licht zijn we bezeten,
de donkerte ons onbemind.
We zetten neer een grote boom,
versieren hem van top tot teen,
en heel de kamer er omheen,
maken van ons huis een kinderdroom.
En zijn de feestdagen voorbij gevlogen,
krijgt de winter weer zijn zin,
voelen mensen zich bedrogen,
vindt de vorst weer zijn vorstin,
echter, zijn we ook wat opgetogen,
eindelijk weer werkelijkheidszin.
willen we hem al reeds vergeten,
door kleur en licht zijn we bezeten,
de donkerte ons onbemind.
We zetten neer een grote boom,
versieren hem van top tot teen,
en heel de kamer er omheen,
maken van ons huis een kinderdroom.
En zijn de feestdagen voorbij gevlogen,
krijgt de winter weer zijn zin,
voelen mensen zich bedrogen,
vindt de vorst weer zijn vorstin,
echter, zijn we ook wat opgetogen,
eindelijk weer werkelijkheidszin.
Abonneren op:
Posts (Atom)